Financiële jaar 2016

Resultaat

De Stichting BVE Oost-Gelderland heeft in 2016 een positief nettoresultaat behaald van bijna 0,2 miljoen. Hiermee is het resultaat ruim € 2,2 miljoen lager dan het resultaat over het boekjaar 2015. Voor het jaar 2016 was een resultaat van nihil begroot.

Baten

De totale baten zijn in het verslagjaar 2016 circa € 1,4 miljoen hoger dan begroot en ruim € 0,1 miljoen meer dan in het vorige verslagjaar.

De in het verslagjaar ontvangen rijksbijdragen groot € 66,4 miljoen liggen ruim € 0,7 miljoen boven de begroting. De (normatieve) rijksbijdrage OCW is ruim € 0,6 miljoen hoger dan begroot. Daarnaast zijn de overige subsidies OCW circa € 0,1 miljoen hoger dan begroot. De overige overheidsbijdragen en -subsidies van in totaal circa € 2,4 miljoen zijn circa € 0,3 miljoen hoger dan begroot. De hogere baten zijn voornamelijk toe te rekenen aan de post overige subsidies. De cursusgelden zijn met een bedrag van ruim € 0,8 miljoen bijna 0,1 miljoen hoger dan het begrote bedrag. De baten werk in opdracht van derden zijn in het verslagjaar ruim € 2,9 miljoen. Dit bedrag is nagenoeg gelijk aan het van het begrote bedrag voor 2016. De overige baten, groot bijna € 2,6 miljoen, zijn ongeveer € 0,3 miljoen hoger dan begroot voor 2016. Deze afwijking is grotendeels het gevolg van hogere ouderbijdragen en overige baten.

Dat de totale baten in 2016 circa € 1,4 miljoen hoger zijn dan begroot komt resumerend voort uit een stijging van de rijksbijdragen met € 0,7 miljoen, een toename van de overige overheidsbijdragen en -subsidies met circa € 0,3 miljoen, een stijging van de cursusgelden met bijna € 0,1 miljoen en een toename van de overige baten met ongeveer € 0,3 miljoen.

 

 

 

 

 

 

 

Lasten

De totale lasten zijn in het verslagjaar 2016 circa € 1,0 miljoen hoger dan begroot en zijn ten opzichte van het vorige verslagjaar met ruim € 2,2 miljoen gestegen.

De personeelslasten zijn bijna € 0,6 miljoen hoger dan het begrote bedrag voor het jaar 2016. Het bedrag aan lonen en salarissen is ongeveer € 0,7 miljoen lager dan begroot. Hier tegenover staat een overschrijding van de begroting 2016 van personeel niet in loondienst met circa € 1,4 miljoen. De overige personele lasten bedragen ruim € 0,4 miljoen meer dan begroot. De overige posten binnen de personeelslasten dalen per saldo met circa € 0,5 miljoen ten opzichte van de begrote bedragen. De afschrijvingslasten van in totaal bijna € 4,8 miljoen zijn ongeveer € 0,1 miljoen hoger dan het begrote bedrag voor het jaar 2016. De huisvestingslasten van in totaal ruim € 4,5 miljoen zijn circa € 0,2 miljoen lager dan het begrote bedrag voor het jaar 2016. Het bedrag aan overige lasten van in totaal circa € 9,1 miljoen is ruim € 0,5 miljoen hoger dan het begrote bedrag voor 2016. De administratie- en beheerslasten zijn circa € 0,2 miljoen lager dan begroot. De post inventaris, apparatuur en leermiddelen zijn ongeveer € 0,3 miljoen hoger uitgevallen dan de begroting en de post overige komt ruim € 0,4 hoger uit dan het begrote bedrag voor 2016.

Dat de totale lasten in 2016 circa € 1,0 miljoen hoger zijn dan begroot komt resumerend voort uit een stijging van de personeelslasten met € 0,6 miljoen, een toename van de post afschrijvingen met € 0,1 miljoen en een afname van de huisvestingslasten met € 0,2 miljoen. Tevens zijn de overige lasten circa € 0,5 miljoen hoger dan begroot.

Financiële baten en lasten

Het saldo van financiële baten en lasten bedraagt in 2016 bijna € 0,2 miljoen negatief. Dit is ruim € 0,1 miljoen lager dan begroot en komt grotendeels voort uit een lagere rentevergoeding op de spaargelden.

Investeringen

In het verslagjaar is per saldo voor € 4,2 miljoen geïnvesteerd. Hiervan is ruim € 1,7 miljoen geïnvesteerd in gebouwen en terreinen, circa € 2,0 miljoen in inventaris en apparatuur en ongeveer € 0,5 miljoen is verantwoord als materiële vaste activa in uitvoering. De investeringen in gebouwen en terreinen betreft grotendeels een verbouwing van het pand aan de Slingelaan te Doetinchem. Van de investeringen in inventaris en apparatuur heeft bijna € 1,0 miljoen betrekking op hardware en licenties. De overige € 1,0 miljoen heeft grotendeels betrekking op meubilair en schoolinventaris alsmede inventaris in kantines. De post materiële vaste activa in uitvoering heeft betrekking op de aanloopkosten van de geplande bouw aan de Sportweg te Doetinchem. Dit plan staan bekend als ‘Sportpark Zuid’.

Effecten

Ultimo 2016 bedraagt het in effecten belegd vermogen bijna € 1,9 miljoen (2015: bijna € 1,8 miljoen). Dit betreft privaat vermogen en behoort toe aan de Stichting Schoolfonds. Deze effecten zijn ter beurze genoteerd en derhalve (vrijwel) direct verkoopbaar. Per 1 juli 2015 is de beleggingsportefeuille van Schretlen & Co overgedragen naar de Rabobank en is de dienstverlening, onder gelijkblijvende voorwaarden, volledig geïntegreerd met die van de Rabobank. Het rendement op de beleggingen over het jaar 2016 bedraagt (voor Stichting Schoolfonds) bijna € 105.000 (5,8%).

Liquide middelen

De liquide middelen zijn in het verslagjaar met ruim € 1,9 miljoen toegenomen. Dit kan voor een deel worden verklaard door het resultaat van € 0,2 miljoen. Daarnaast dragen de afschrijvingen met bijna € 4,8 miljoen, de afname van de vorderingen met circa € 0,3 miljoen en de toename van de schulden met bijna € 1,2 miljoen bij aan de toename van de liquide middelen. Hier staan met name investeringen in materiele vaste activa tegenover voor een bedrag van bijna € 4,3 miljoen. Daarnaast zijn de effecten toegenomen met € 0,1 miljoen en zijn de voorzieningen met € 0,2 miljoen
afgenomen.

Voor het verdere verloop van de liquide middelen in 2016 zie het geconsolideerde kasstroomoverzicht over 2016.

Eigen vermogen

Het eigen vermogen is in 2016 met bijna € 0,2 miljoen toegenomen en bedraagt ultimo 2016 circa € 67,5 miljoen. Deze stijging vloeit voort uit het netto resultaat over het jaar 2016. Vooruitlopend op de goedkeuring van de raad van toezicht heeft het college van bestuur besloten om het enkelvoudige positieve resultaat van bijna € 0,2 miljoen toe te voegen aan de algemene reserve.

Voorzieningen

De voorzieningen bedragen ultimo 2016 circa € 1,2 miljoen en bestaan volledig uit personeelsvoorzieningen.

Langlopende schulden

De hoogte van de langlopende schulden zijn in 2016 niet gewijzigd ten opzichte van 2015. Het betreft hier de lening die in 2008 is afgesloten bij de Rabobank voor een bedrag van € 9,0 miljoen.

Kortlopende schulden

De kortlopende schulden zijn in het verslagjaar 2016 met bijna € 1,2 miljoen toegenomen. Deze stijging kan grotendeels worden verklaard door een toename van de vooruitontvangen subsidies met ruim € 1,5 miljoen. Hier staat een afname van ruim € 0,3 miljoen van de post crediteuren tegenover.